De tuin
(Inheemse Nederlandse dieren die zo maar in je tuin kunnen voorkomen.)
Denk niet dat dit een beperkt hoofdstuk is. In Nederland en België komen va. 36.000 diersoorten voor. Zelfs voor een vakbioloog is het onmogelijk om alleen al alle in Nederland voorkomende soorten te kennen.
Van de in Nederland ca. 36.000 diersoorten zijn zo’n 500 diersoorten beschermd. De regels rond beschermde dieren en planten staan in de Flora- en faunawet. Diersoorten die uit Nederland zijn verdwenen of dreigen te verdwijnen, zet de Rijksoverheid op de zogenoemde Rode lijsten.
Amfibieën.
Salamanders, kikkers en padden leven zowel in het water als op het land. Voor hun voortplanting zijn zij aangewezen op allerlei typen zoet water. In het water wordt gepaard, worden de eieren afgezet en groeien de larven op. De meeste volwassen en jonge dieren verblijven in de zomer op het land. Veel soorten overwinteren ook op het land. Een aantal soorten kan ook in het water overwinteren. Amfibieën hebben dus zowel een land- als een waterbiotoop en zijn daardoor gevoelig voor veranderingen in beide biotopen. Zij hebben een goed doorlaatbare huid, wat ze kwetsbaar maakt voor milieuvreemde stoffen. Ook de eieren en larven zijn hier zeer gevoelig voor. Dit maakt amfibieën tot geschikte bi-indicatoren voor de toestand van hun leefmilieu.
Reptielen.
Reptielen zijn mooie en fascinerende dieren, maar helaas ook bedreigd. Hun verspreiding in ons land is de laatste decennia achteruitgegaan, ondanks dat ze al jaren tot de beschermde diersoorten behoren. Het grootste deel van het verspreidingsgebied van de reptielen in ons land ligt op voedselarme zandgronden en in de kustduinen overzicht). De beste gebieden voor reptielen zijn in het algemeen de niet in cultuur gebrachte delen: duinen, bossen en heiden. De ringslang komt ook daarbuiten voor. Heidegebieden zijn voor zowel slangen als hagedissen heel geschikt. Het oppervlak aan heide en bos in ons land is, als gevolg van ontginning voor de landbouw, sinds het eind van de vorige eeuw zeer sterk afgenomen. Vergrassing tast de overgebleven gebieden aan. Wat nog over is zijn kleine van elkaar geïsoleerde heideterreinen en enkele grote gebieden zoals onder andere op de Veluwe en in Drenthe worden aangetroffen. Ook het duingebied wordt aangetast door processen die de natuurwaarde én het oppervlak verminderen. Het komt erop neer dat de belangrijkste leefgebieden voor reptielen kleiner zijn geworden en in de resterende delen de kwaliteit afneemt. Geen zonnige toekomst voor de Nederlandse reptielen dus.
Vissen.
Als je aan vissen denkt dan zul je er vast een aantal soorten te binnen schieten. De bekendste vissen in Nederland zijn vissensoorten zoals brasem, baars, snoek, snoekbaars en de karper. Daarnaast zijn de vissen ook in verschillende maten aanwezig. De witvis is de meest voorkomende vis in de Nederlandse wateren. De bekendste varianten zijn de rietvoorn, de kolblei, de winde, de blankvoorn en de kolblei en brasems. Sinds 1 januari 2016 is een nieuwe Rode Lijst van kracht van zowel zoetwater- als zeevissen. Van de ruim 40 vissoorten die zich binnen de Nederlandse grenzen voortplanten staan er 19 op de nieuwe Rode Lijst. Bijna evenveel als op de vorige Rode Lijst uit 1997. Hoopvol is dat de mate van bedreiging voor een aantal soorten is afgenomen.
Vogels.
Een internationaal team van onderzoekers boog zich onlangs over 378 van de 445 inheemse vogelsoorten in Europa.
Gekeken werd hoe groot hun populaties op dit moment zijn en hoe dat zich verhoudt tot de populatie-omvang in 1980.
De bevindingen zijn enigszins schokkend te noemen; volgens de onderzoekers is Europa in krap 40 jaar
tijd zo’n 600 miljoen vogels kwijtgeraakt. En daarbij blijken opvallend genoeg vooral de populaties van
veelvoorkomende soorten – zoals bijvoorbeeld de vrij bekende huismus en spreeuw – enorm te zijn gekelderd.
Een andere deskundige zegt: “Als we voor iedere soort die hier in Nederland voorkomt, gaan tellen hoeveel vogels er zijn en dat
vervolgens vergelijken met wat we in de jaren vijftig zagen, dan moeten we concluderen dat het totale aantal
vogels in de afgelopen 70 jaar juist is toegenomen.”
In Nederland zij in de afgelopen eeuw 12 soorten verdwenen, maar er zijn 49 soorten verschenen.
Dit hangt samen met de grote veranderingen die het Nederlands landschap sinds 1900 heeft ondergaan.
Naast de verschraling van het boerenland kun je dan ook denken aan degradatie van hoogvenen en intensievere recreatie in duingebieden.
Zoogdieren.
Hier gaat het om zoogdieren die in Nederland in het wild voorkomen of de afgelopen tweehonderd jaar voorkwamen. Dieren in dierentuinen en huisdieren staan niet op de lijst. Van alle zoogdieren in Nederland is enkel een ondersoort van de Noordse woelmuis (Microtus oeconomus arenicola) endemisch. Alle overige soorten komen ook buiten Nederland voor. Totaal zijn er in onze lijst 58 dieren opgenomen.































