China

De geschiedenis van China, 5000 jaar geschiedenis en 7000 jaar cultuur.

China bezit een van de oudste beschavingen ter wereld, met een ononderbroken ontwikkeling van prehistorie tot heden. Chinezen wonen verspreid over alle delen van de wereld. Ongeveer 1,4 miljard Chinezen leven in de Volksrepubliek China, dat daarmee qua inwoners het grootste land ter wereld is. Andere belangrijke populaties bevinden zich in Taiwan, Singapore en andere gebieden in Zuidoost-Azië, evenals minderheden in andere Aziatische en westerse landen, sommigen in zogenaamde Chinatowns, stadswijken waar veel Chinese migranten samenwonen. De Chinese dynastieën vonden van alles uit, dat ze voor veel geld aan de Europeanen verkochten, zoals het porselein van de Ming-dynastie. Daarnaast zetten de Chinezen imposante bouwwerken als de Chinese Muur en de Verboden Stad neer.

Een klein stukje Chinese muur.

Geschiedenis.

De belangrijste ontwikkelingen vonden plaats tydens 8 grote dynastieën.
ca. 1750 - 1100 voor Christus: de Shang-dynastie.
1100 voor Christus - 256 voor Christus: de Zhou-dynastie.
206 voor Christus - 220 na Christus: de Han-dynastie.
618 - 907: de Tang-dynastie.
960 - 1279: de Song-dynastie.
1279 - 1368: de Yuan-dynastie.
1368 - 1644: de Ming-dynastie.
1644 - 1912: de Qing-dynastie.
Het oudste tot nu toe bekende Chinese kunstwerk is gevonden in de Oost-Chinese provincie Henan. Een naar schatting 13,5 duizend jaar oud van een vogel. De oudste Chinese schriftelijke bronnen dateren van de 13e eeuw voor Christus. Zij bestrijken slechts het laatste gedeelte van de periode die traditioneel geldt voor de Shang-dynastie en zijn geografisch beperkt tot Yinxu,

De Shang-dynastie.

De Shang-dynastie is de eerste echte dynastie waar men zeker van weet dat ze bestaan heeft. Volgens de Chinese geschiedenis begon de dynastie toen Tang, een man die veel wijsheid bezat, de laatste heerser Jie van de Xia-dynastie van zijn troon stootte. De begin- en eindtijd van de Shang-dynastie zijn niet helemaal zeker. Men vermoedt dat deze dynastie bestond van 1750 - 1122 voor Christus. De tijdstippen van begin en einde van de Shang-dynastie zijn onzeker en worden niet door iedereen op dezelfde manier gehanteerd.

Bronzen kuei (voedselvat) uit de Shang-dynastie.


Vroegste geglazuurd aardewerk, bewijs van een pottenbakkersschijf, geïndustrialiseerd bronsgieten gebruikt voor rituelen, wijn en voedsel, evenals wapens en gereedschappen, geavanceerd jade-snijwerk, vastgesteld dat het jaar 365 1/4 dagen was, maakte rapporten over ziekten, eerste verschijning van Chinees schrift, orakelbeenderen, steppe-achtige strijdwagens. Er zijn overblijfselen gevonden van paleisfunderingen, graven en geramde aarden wallen.

Donker is kern gebied licht was schatplichtig.

In het begin was de Shang-staat niet meer dan een paar nederzettingen die elk door één familie of clan bewoond werden. Later was er een stedelijke kern waar bepaalde clans over heersten. Deze clans gaven ook meteen de naam aan het gebied. Iedere “heersersclan” was ondergeschikt aan de centrale Shang-vorsten. Dan waren er nog stammen, aan de rand van het gebied van de Shang, die zich niet onderwierpen aan het gezag van de Shang-vorsten. Regelmatig vielen deze “barbaarse” stammen het gebied van de Shang binnen en de Shang het gebied van deze "barbaren" binnen. Door beter ontwikkelde landbouwtechnieken en later door de ontwikkeling van bronzen wapens werd het gebied van de Shang geleidelijk uitgebreid. De koningen volgden elkaar waarschijnlijk niet op van vader op zoon, maar van broer op jongere broer. Heersende clans losten elkaar af in het “leveren” van nieuwe koningen. De Shang-bevelhebbers leerden ook van de ruiternomaden uit het noorden: ze namen het gebruik van paard en wagen van hen over. Het succes, macht en rijkdom in de Shang-dynastie berustte op het werk van de onderdanen. In de 11e eeuw voor Christus keerden de vazalstaten en voormalige bondgenoten zich tegen de Shang-koningen en vijandige troepen rukten steeds verder op richting de hoofdstad Yin. Daar hielden de laatste koningen zich alleen maar bezig met hun hiërarchische en rituele schema's, waarbij ze meer tijd en energie aan hun eigen graftomben besteedden dan ze zich konden veroorloven. Vervolgens liep de belangrijke Zhou-clan over en rond 1120 voor Christus werd de Shang-dynastie door een Zhou-legermacht abrupt en gewelddadig ten val gebracht.

De Han-dynastie.

De Han-dynastie bestaat uit 2 perioden de Westelijke Han-dynastie van 256 voor Christus tot 8 na Christus. En de Oostelijke Han-dynastie van 25 na Christus tot het jaar 220. Van 8 tot 25 was de Usurpator Wang Mang aan de macht.

De regeerperiode van Wang Mang wordt vaak als interregnum aangegeven.

Zowel in de eerste als de tweede periode ontwikkelde de Chinesen zich sterk. Op het gebied van metalugia zodat ze veel beter ijzer soorten (staal) konden maken voor hun wapens en voor gereedschappen in de landbouw. Door de betere wapens kon men andere gebieden veroveren. Door de betere gereedschappen en uitvindingen in irigatie en bevloeing kon de productie van rijst sterk vergroot worden waardoor er een bevolkings explosie plaats vond. Geschat werd dat er ruim 50 miljoen mensen in de Han-dynastie leefden. De overheid bouweden wegen en bruggen. De kennis van medicijnen werd sterk uitgebreid. Het papier werd uitgevonden. Dit alles zorgden er voor dat de Han-dynasie beschouwd wordt als de eerste gouden periode van China.

De Tang-dynastie.

Na een eeuwenlange periode van verdeeldheid was China herenigd tussen 581 en 618 weer groten deels samen gevoegd. Na 618 bouwde de Tangheersers, van gemengd Chinese, Xianbei en Turkse afkomst, China uit tot een expansief en kosmopolitisch rijk. De Tangdynastie blies het examenstelsel nieuw leven in als manier om goed geschoolde ambtenaren aan te trekken. In het landsbestuur, de belastinginning en de rechtspraak werden nieuwe vormen geïntroduceerd die tot het einde van de keizertijd in stand bleven. Het boeddhisme, dat in de eerste eeuw van de christelijke jaartelling vanuit India in het land was geïntroduceerd, beleefde tijdens de Tang-periode een bloeiperiode en werd beschermd door de keizerlijke familie. In 690 riep keizerin Wu Zetian haar eigen dynastie uit, de Tweede Zhou, en plaatste ze zich als enige officiële keizerin in de geschiedenis van China op de troon. In 907 maakte de krijgsheer Zhu Wen een einde aan de Tangdynastie. Daarmee begon de chaotische periode van de Vijf Dynastieën en Tien Koninkrijken (907-960)

Grote Boeddha van Leshan, voltooid in 803.

In 690 riep keizerin Wu Zetian haar eigen dynastie uit, de Tweede Zhou, en plaatste ze zich als enige officiële keizerin in de geschiedenis van China op de troon. In 907 maakte de krijgsheer Zhu Wen een einde aan de Tangdynastie. Daarmee begon de chaotische periode van de Vijf Dynastieën en Tien Koninkrijken (907-960)

De Song-dynastie.

Ten tijde van het aantreden van de Song-dynastie werd China voor het eerst sinds de val van de Tang-dynastie in 907 herenigd. De Song-dynastie kan verdeeld worden in twee afzonderlijke periodes: De Noordelijke Song en de Zuidelijke Song. De Noordelijke Song periode was van 960 tot1127, die ontstond toen keizer Zhao Kuangyin de laatste van de vijf dynastieën omverwierp en zelf de macht greep, In 978 versloeg de Noordelijke Song het laatste van de zuidelijke koninkrijken.

Grootste omvang Song-dynastie.

De Zuidelijke Song (1127-1279) ontstond toen het hof zich terugtrok ten zuiden van de rivier Jangtsekiang, waar ze van Hangzhou hun hoofdstad maakten. De oprichters van de Song-dynastie hadden een effectieve gecentraliseerde bureaucratie opgezet, met veel hoogopgeleide ambtenaren.

Song service met decoratie van bloemen en vogels.

Tegelijkertijd voltrok zich een soort van industriële revolutie in China. Een tweede gouden periode brak aan. De productie van ijzer per hoofd van de bevolking verzesvoudigde tussen 806 en 1078 en in 1078 produceerde China 125.000 ton ijzer per jaar. Dit ijzer werd niet alleen voor massaproductie van goederen voor de eigen markt gebruikt, maar het werd ook geëxporteerd. Belangrijke Chinese uitvindingen uit deze periode zijn de heteluchtballon, het buskruit, het kanon, de vlammenwerper, de boekdrukkunst. Naast deze bekende uitvindingen werden in dezelfde tijd in China nog vele andere technologische vindingen gedaan. De Song is bekend als de meest economisch welvarende dynastie in de Chinese geschiedenis. Tijdens het Song bestuur werd China getransformeerd van een agrarische naar een commerciële economie en de bevolking nam sterk toe. In de twaalfde eeuw werd de Song Dynastie de eerste overheid ter wereld die zijn eigen papieren valuta printte.

In 1276 vluchtte de keizerlijke hofhouding per boot naar Guangdong om een invasie door de Mongolen te ontlopen. Op 19 maart 1279 werd het Song-leger verslagen in de Slag van Yamen, in de Parelrivierdelta.

De Yuan-dynastie.

De Yuan-dynastie was de keizerlijke dynastie die China van 1279 tot 1368 regeerde. Ze volgde de Song-dynastie op. De Yuan-dynastie was de voortzetting van het Mongoolse Rijk en een nieuwe dynastie in China. Koeblai Khan was een Mongoolse militaire leider, grootkan van het Mongoolse Rijk en stichter en de eerste keizer (1279-1294) van de Yuan-dynastie in China. Hij verenigde de verschillende keizerrijken in China onder zijn macht.

Kublai Khan.

Een van de dingen die Koeblais regeerperiode kenmerkt was het gebruik van papiergeld. Door slechte fiscale discipline mislukte dit echter schromelijk en werd het papiergeld uit de roulatie genomen. Na Koeblais dood verloren de Yuan-keizers definitief hun macht over de onderhorige khans en viel het rijk voorgoed uiteen. Koeblais kleinzoon Chengzong echter volgde hem wel op als keizer van China waarna de Yuan-keizers erin slaagden hun dynastie een hele tijd in stand te houden totdat de rebel Zhu Yuanzhang de Yuan-dynastie verdreef en de Ming-dynastie vestigde.

De Ming-dynastie.

De eerste keizer van de dynastie was Zhu Yuanzhang, een meedogenloze rebellenleider in de chaotische nadagen van de Mongoolse Yuan-dynastie. Zhu versloeg al zijn rivalen in de strijd om de macht en stichtte in 1368 de nieuwe dynastie onder de naam Ming. Zhu Yuanzhang regeerde als de Hongwu-keizer dertig jaar op despotische wijze het rijk en drukte een blijvend stempel op de regering en het land.
Na de begin periode wordt het Mingtijdperk beschouwd als "een van de grootste periodes van ordelijke regering en sociale stabiliteit in de menselijke geschiedenis". Als inheems heersershuis die de gehate buitenlandse overheersers had verdreven was de Ming in zichzelf gekeerd en geneigd tot een defensieve en isolationistische houding ten opzichte van de buitenwereld.

Chinese porselein uit de periode van keizer Xuande (1426-35).

De zestiende eeuw was in veel opzichten de bloeiperiode van het rijk. Via de zogenaamde Columbiaanse uitwisseling kwam het land in aanraking met nieuwe landbouwgewassen uit Amerika, zoals maïs en aardappelen, waardoor de bevolking verder kon groeien. Chinese producten als zijde en het veelgeroemde Mingporselein waren zeer gewild bij de Europeanen. Het begin van de zeventiende eeuw was daarentegen een tijd van rampspoed voor het rijk. Onder invloed van de klimaatverslechtering tijdens de Kleine IJstijd volgde de ene misoogst op de andere, met als resultaat hongersnood en rebellie. In 1644 nam de opstandeling Li Zicheng de hoofdstad Beijing in. Li Zicheng werd kort daarna verdreven door de Mantsjoes van de Qing-dynastie, die van de verwarring gebruik maakten om de Grote Muur te passeren.

Qing-dynastie.

De Qing-dynastie was de laatste keizerlijke dynastie van China. Zij volgde de Ming-dynastie in 1644 op en werd zelf vervangen door de Republiek China in 1912. In 1644 veroverden de Mantsjoes Peking. Na de inname van Peking zou het nog veertig jaar duren voordat de Qing hun macht in het gehele land daadwerkelijk hadden geconsolideerd. De Qing vormden het grootste Chinese rijk ooit. De omvang van het rijk werd vergeleken met dat van de Ming meer dan verdubbeld.

Traditionele bruids stoel (Qing tijd.)

Om een rijk met die omvang te kunnen regeren creëerden de Qing nieuwe en meer effectieve vormen van bestuur en communicatie. Tijdens de bloeiperiode van de dynastie, eind zeventiende tot eind achttiende eeuw, werd een productieniveau en welvaart bereikt dat aanzienlijk hoger was dan in welke dynastie daarvoor. De gemiddelde levensstandaard tijdens de achttiende eeuw was in China vermoedelijk hoger dan in West-Europa. Aan het eind van de achttiende eeuw zijn er echter al tekenen dat het systeem begint te falen. De dynastie kan de Taipingopstand van 1850–1864 nauwelijks overleven en is dan ernstig verzwakt. Na de Bokseropstand van 1899–1900 vond een herleving van een aantal hervormingen plaats die bekendstaat als De Nieuwe Politiek. Buitenlandse inmenging, bezetting van grote delen van China, interne streid om de macht tussen provincies en centrale macht en de enorme schulden betalingen als compensatie voor de schade van de bokseropstand zorgde er in 1912 voor dat de laatste keizer van China "een 6 jarig jongetje" werd af gezet. Het einde van de laatste dynastie.

Commentaar.

Er is 1 aanvulling geweest voor dit artikel.

  1. H.J. van Rooten September 2015

    Wij maken gebruik van bronnen, foto's, video's enz. van het internet, maar ook uit boeken en encyclopedieën. Het kan dat onbedoeld copyright gebruikt wordt, waarschuw ons zodat we dit direkt kunnen aanpassen.

Uw commentaar.

Uw e-mail adres zal niet worden getoond.